Zandtaartjes met walnotenpers

Het hoofdingrediënt: Noten
Je hoeft geen aapje te zijn om van noten te genieten, iedereen vindt ze namelijk lekker, ook keukenheksen. En ze zijn ook nog erg prettig in het gebruik. Noten kun je op alle mogelijke manieren eten, of het nu als vleesvervanger is, in combinatie met zuidvruchten, in een salade, als ingrediënt in taarten, koekjes en cakes, of gewoon zomaar als snack. Met een bepaalde soort noot, of combinaties van verschillende soorten, kun je een gerecht net even iets opwaarderen. Sommige noten, zoals pinda’s, worden zelfs gebruikt om (arachide)olie van te maken. Ze zijn voedzaam omdat er erg veel energie in zit, vitamines, kalk en ijzer. Ook de cocosnoot behoort tot de nootachtigen. Rasp die bijvoorbeeld maar eens over een fruitsalade. Smullen!

Het gerecht: Zandtaartjes gevuld met walnotenpers.
Gevulde koeken kennen we allemaal wel van de amandelpers die erin zit. Vaak worden daar abrikozenpitten of harde bonen voor in de plaats gebruikt die met veel suiker op amandelpers lijken, maar lang zo lekker niet zijn. Neem dus eens verse walnoten als vulling. Dit geeft zo’n aparte smaak dat ze zo mogelijk nog lekkerder zijn dan de originele gevulde koeken.

Het recept: Zandtaartjes met zelfgemaakte walnotenpers
Je hebt nodig:
– 500 gram verse walnoten
– 1 kop fijne suiker
– 2 eidooiers
– 2 el citroenrasp
– pasteivormpjes

Voor het deeg:
– 1 pak appeltaartmix
– 1 eidooier
– roomboter
– suiker
– abrikozenjam

Meng de appeltaartmix met de benodigde ingrediënten tot een stevig deeg en zet even in de koelkast om tot rust te laten komen. Pel de walnoten en doe deze samen met het kopje suiker, 1 eidooier en citroenrasp in de keukenmachine. Laat nu draaien tot je een mooi dik mengsel hebt. Verwarm de oven voor op 175 graden. Vul de pasteivormpjes (of muffinvormpjes) met het deeg, vul dit met een beetje walnotenpers en dek af met nog een stukje deeg. Je kunt ook cirkels uit het deeg steken, hier de walnotenpers opleggen en het met een tweede cirkel afsluiten. De randen bevochtigen met water om te laten plakken. Eventueel kun je de koeken nog met deegfiguurtjes versieren. Bestrijk de koeken met losgeklopt eigeel en zet ze gedurende 25 minuten in de oven om ze goudbruin te laten worden. Haal ze dan uit de oven en bestrijk ze eventueel nog met wat abrikozenjam dat je warm hebt gemaakt in een pannetje. Dit laatste hoeft niet, ze zijn zonder jam ook lekker, maar de smaak is iets fris-zurig en dus erg lekker bij deze zoete, machtige koeken.

Bron: Moderne Heksen, Claudia van der Sluis